Bankje

Ik zag hen zitten,
iedere dag,
in de zon,
altijd samen
en ook bij ontij.

Op een dag
bleef ze
leeg.

Ik zag haar staan,
mandje om haar arm,
in de rij
bij Albert Heijn.
Halfje brood,
halfje halfvolle melk,
enkel biefstukje.

Voorzichtig
schuifelde ze
naar huis.

Alleen.